Dit is het vervolg op mijn boek Donderkat. Ben je niet op zoek naar Donderkat, maar naar informatie over mij, kijk dan hier.

Donderkat wordt in stukjes op het net geplaatst terwijl ik het schrijf. Als het af is, maak ik er een boek van.
Let op: ik maak er een boek van. Je mag het lezen, doorsturen aan je vrienden, uitprinten en bewaren voor mijn part, maar wat je er niet mee mag doen is: boek van maken en verkopen. Ik moet ook ergens van leven, nietwaar?
Elke maandag, woensdag en vrijdag zet ik er een nieuw stukje bij; meestal 's nachts.
Veel plezier ermee!
Posts tonen met het label 13. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 13. Alle posts tonen

maandag 27 januari 2014

Twee grote mokken

BEGIN / VORIGE / VOLGENDE


'Waarom doet jij niet dat andere spelletje?' vroeg Kwetter. 'Die vindt ik veel leuker!'
'Die is ook wel leuk,' gaf ik toe. 'Maar er gaat niks kapot. Dat is toch minder, natuurlijk.'
'Wat vind jij, Gaby?' vroeg mama.
Gaby haalde haar schouders op. 'Ik vind ze allebei wel aardig.'
Daar hadden we dus niks aan. Maar ja, dat heb je met kleine zusjes. Die zouden allemaal verplicht met een bordje rond moeten lopen, waarop staat: “aan mij heb je eigenlijk niks”. Dat zou een hoop misverstanden schelen.
Papa kuchte. 'Mag ik ook nog zeggen wat ik vind?'
'Nou nee, liever niet,' zei mama koeltjes. 'Ik wil het vooral horen van mensen die de spelletjes gespeeld hebben.'
'Nou, ja, ach, misschien heb ik ook wel een paar keer een half uurtje gespeeld of zo. Als jullie op bed lagen.'
'Papa,' zei ik, 'je houdt ons heus niet voor de gek hoor. Het nieuwe spel is pas net doorgemaild. Ik ben de eerste die het speelt.'
'Niet helemaal,' zei papa. 'Het is gisteravond binnengekomen namelijk, en toen heb ik meteen, eh héél eventjes, eh, eh...'
We keken nog eens goed naar papa.
Zijn kin was een grote massa baardstoppels. Zijn ogen waren rood, alsof hij er heel veel in gewreven had. Er zaten dikke zwarte kringen om zijn ogen. Naast zijn enorme mok met koffie stond – dat viel me nu pas op – nóg een enorme mok met koffie.
Hij keek glazig voor zich uit en leek met veel moeite een geeuw te onderdrukken.
'Papa,' zei ik streng, 'heb jij soms de hele nacht door zitten spelen?'
'Eh... nou, ach, wel een paar uurtjes ja.'
'Dat moet je niet doen, schat,' zei mama bezorgd. 'Dat is niet gezond.'
'Ik doe het ook niet,' verdedigde papa zich geprikkeld. 'Alleen... behalve soms, ja... dan doe ik het een keertje wel. Dat mag. Ik ben een groot mens. Die mogen dat zelf kiezen.'
'Tuurlijk schat,' zei mama poeslief. 'Maar je bent wel mijn grote mens, dus ik vind het beter als je voortaan even met mij overlegt. Goed?'
Papa knikte geeuwend. 'Is goed, Josephine. Mag ik dan nu nog even vertellen wat ik te zeggen had? Ik vind ook allebei de spelletjes leuk. Maar wat ik vooral leuk vind is de afwisseling. Ik bedoel: dat spel met die ballen gaat om snelheid en behendigheid, en dat andere is meer een soort van puzzel. Welke ingrediënten heb ik nodig voor mijn springstof en waar vind ik die? Ik bedoel: soms heb je even genoeg van puzzelen, en dan wil je wel weer eens lekker van tak-tak-tak met die kleine blauwe rot-balletjes.'
'Schat,' zei mama tevreden, 'je bent briljant. We maken er één spel van! Waarin je eerst de ingrediënten voor de springstof bij elkaar moet zoeken, en dan de springstof-moleculen in elkaar moet knutselen. Dát is nog eens leerzaam.'
'Mooi,' zei papa. 'Dan ga ik nu heel eventjes liggen, als jullie het niet erg vinden. Ik heb een beetje slecht geslapen de laatste tijd.' Hij goot de tweede mok met koffie in zijn keel.
'Hoe kun je nou slapen als je zoveel koffie drinkt?' vroeg mama hoofdschuddend.
Papa stond op, slofte de kamer uit en mompelde iets. Het klonk verdacht veel als: 'Die koffie heb ik nodig om de slaapkamer te halen.'


BEGIN / VORIGE / VOLGENDE

woensdag 10 oktober 2012

Sterf, amateur, sterf!

BEGIN / VORIGE / VOLGENDE


We dromden met z'n allen om de handleiding heen.
'Staat er nergens wat al die schermpjes en wijzertjes betekenen?' vroeg ik. 'Is er niet een handig lijstje van, of zo?'
'Eens kijken,' zei papa. 'S... S...S... Schampschot... Schieten... nou ja, zeg! Niks, maar dan ook niks over schermpjes!'
'Kijk dan eens bij wijzertjes?' vroeg Michael.
Papa keek. 'Aha! Daar hebben we hem! Wijzertjes, lijstje van schermpjes en – .'
'Kijk eens gauw naar die 'ΔΩ toiletten',' drong mama aan. ' ΔΩ is iets wetenschappelijks namelijk, dat betekent 'toename van elektrische weerstand'. Ik ben toch zó benieuwd wat dat met de W.C.'s te maken zou kunnen hebben!'
'Hoe graag wil je dat precies weten?' vroeg mijn vader ongeduldig.
'Nou, als het betekent dat de W.C.'s hier onder stroom staan, dan wil ik dat best wel graag weten ja, voordat ik er weer op ga zitten.'
'Mens, we worden aangevallen!' brulde papa. 'Kun je die wetenschappelijke nieuwsgierigheid van je nou niet één keertje bedwingen? Als we nu niet snel iets aan die aanval doen, zul je van vandaag tot de Dag des Oordeels geen schijthuis meer van dichtbij zien!'
Mama keek hem venijnig aan. 'Ik snap wat je bedoelt. En dat had ik ook heel goed gesnapt als je wat minder geschreeuwd had. En geen vieze woorden had gebruikt. We zijn hier niet in de binnenlanden van Boegoe-Boegoe.'
'Nee,' zuchtte Kwetter. 'Daar is wij zeker niet. Jammer hoor.' Ze klonk heel sip; waarschijnlijk had ze een aanval van heimwee. En dat was ook wel begrijpelijk; er zijn weinig momenten dat je méér naar huis verlangt dan de momenten waarop je met torpedo's wordt beschoten terwijl je in een duikboot zit.
'Heb ik vieze woorden gebruikt?' schrok papa.
'Nou en of, schat. Je gebruikte een héél vies woord vaar W.C.'
'De W.C.'s in Boegoe-Boegoe staat nooit onder stroom,' zuchtte Kwetter. 'Wij heeft geeneens stroom. Toiletten heeft wij trouwens ook niet.'
Gelukkig hielden Michael en ik ons hoofd er een beetje bij. Terwijl de anderen flauwekul uitkraamden, waren wij hard aan het werk. We ploegden het hele lijstje van schermpjes en wijzertjes door, om te kijken of we ergens iets vonden wat leek op 'zien of je aangevallen wordt'. Maar helaas. Het waren stuk voor stuk volkomen onbegrijpelijke afkortingen, van 'aft pr. crtl.' tot 'Z.P. ΔV'
'Staat er nergens wat al die wijzertjes betekenen?' vroeg Michael.
'Ja hoor,' zei ik 'Achter iedere afkorting staat een pagina-nummer, zie je wel? Daar kun je vinden wat het betekent, denk ik.'
'Hm,' zei Michael. 'Dat zijn... 300 pagina's! Ik weet niet of we daar tijd voor hebben.' Zou er niet een iets kortere...' Hij bladerde verder. 'Aha! Daar hebben we hem: Wijzertjes, wat betekenen als die schermpjes en – . Dat is het betere werk!'
'Wat staat er?' vroeg ik haastig.
'Al onze wijzertjes en schermpjes,' las Michael voor, 'hebben expres zo onbegrijpelijk mogelijke afkortingen. Die slaan echt helemaal nergens op. Dat is om spionnen en amateurs in de war te brengen – slim he? Dus als u een spion bent is het voor u verboden deze handleiding te lezen, want bij “Wijzertjes, lijstje van schermpjes en – ” staat precies uitgelegd wat het allemaal betekent en als u door lage listen deze handleiding te pakken hebt gekregen, hebben we al die moeite voor niks gedaan. Leg weg, zeg ik! Afblijven! Als u een amateur bent, die deze handleiding plus bijbehorende duikboot eerlijk gekocht heeft, dan mag u natuurlijk gewoon doorlezen. Alleen hoop ik dan wel dat u niet toevallig op dit moment aangevallen wordt, want dan is het wel een beetje laat om die driehonderd pagina's nog door te gaan lezen. Hahaha! Eigen stomme schuld! Moet u maar geen amateur wezen! Moewhahaha! Sterf, amateur, sterf!'


BEGIN / VORIGE / VOLGENDE

woensdag 15 februari 2012

Het Boegoenese laboratorium

BEGIN / VORIGE / VOLGENDE


We probeerden het. We bouwden een laboratorium in een boomtop. Een hels karwei! Om te beginnen knoopten we met lianen een heleboel takken aan elkaar, zodat je een soort vloertje kreeg bovenin de boom. Daar bovenop maakten we een soort tafel en op die tafel stond een heel leger van bakjes, buisjes, flesjes en kolfjes. De bakjes waren eigenlijk gewoon halve kokosnoten. De buisjes en flessen en kolfjes waren eigenlijk ook halve kokosnoten.
Het klinkt nu alsof we zoveel kokosnoten tot onze beschikking hadden als we maar wilden.
Vergeet het maar! Kokosnoten zijn zeldzaam in Boegoe-Boegoe. Honderd Boegoenezen hadden geholpen met verzamelen, twee dagen lang, En ze hadden er niet meer dan veertig gevonden.
Dus.
Het was nog een heel gedoe om de noten in mooie helften te hakken. Als je geen vlijmscherp kapmes hebt is dat zo goed als onmogelijk. Ik heb natuurlijk wel een zaagje op mijn zakmes, en daar heb ik het ook echt wel mee geprobeerd, maar ik was een half uur bezig met één kokosnoot en toen bleek ook nog dat ik een beetje scheef had gezaagd.
Gelukkig was er een ouwe Boegoenees die nog van zijn opa had geleerd hoe het moest: als je de noten op precies de goede manier tegen elkaar sloeg, vielen ze in twee keurige helften uiteen. Het kostte een paar keer oefenen, maar uiteindelijk hadden we toch zo'n zeventig bruikbare kokosnoothelften. Gaby en ik schraapten het vruchtvlees eruit en verdeelden dat onder de hardwerkende Boegoenezen die ons hielpen. Die waren er erg blij mee, want kokosnoot is zo ongeveer het lekkerste wat een Boegoenees kan verzinnen (Dat geldt trouwens niet voor Kwetter, want die had een tijdje bij ons in Nederland gewoond en zij vond pannenkoeken met stroop het lekkerst. Maar dat viel aan de andere Boegoenezen niet uit te leggen).
Toen het laboratorium af was zei Kwetter vol blije verwachting: 'Mama boem?'
'Nee,' zuchtte mama, 'nu begint het pas. We hebben nog van alles nodig. Moleculen, weet je wel, om uit elkaar te halen en weer opnieuw aan elkaar vast te knopen.'
'Wat is moleculen ook weer?' vroeg Kwetter fronsend.
'Alles is gemaakt van moleculen. De bomen, de regen, de lucht, de alligators. Allemaal moleculen. Maar ze zijn niet allemaal van dezelfde moleculen gemaakt. En niet elk molecuul is geschikt om te ontploffen. Dus wat we nu moeten doen is de de juiste moleculen zoeken. Dat wil zeggen: dingen waar de juiste moleculen in zitten. Plantjes bijvoorbeeld. In ieder plantje zitten weer andere moleculen. Nou heb ik ooit, heel lang geleden, wel een paar lessen plantkunde gehad. Dus ik weet er wel iets van. Maar de plantjes uit Boegoe-Boegoe werden in die lessen helaas niet behandeld omdat, nou ja, niemand had ooit van Boegoe-Boegoe gehoord. Dus van de plantjes ook niet. Ik zou snel genoeg kunnen ontdekken welk plantje welke moleculen had, als ik hier een goed laboratorium had...'
'Die hebt jij ook,' protesteerde Kwetter. 'Waarom hebt wij anders al die kokosnoten bij elkaar gezoeken?'
'Die kokosnoten,' zei mijn moeder vriendelijk, 'zijn waardeloze troep. Maar ze zijn beter dan helemaal niks. Explosieven maken uit onbekende plantjes, met een laboratorium dat bestaat uit zeventig halve kokosnoten plus een kampvuurtje, dat zou de meest fantastische prestatie zijn uit de hele geschiedenis van de scheikundige wetenschap. Er is een kansje – een heel klein kansje! - dat het mij lukt. Niemand anders zou het kunnen. En zelfs mij zou het niet lukken, lieve Kwetter, zonder die zeventig kokosnoten.'
'En zonder mijn kampvuurtje,' zei ik. 'Dat ik nu ga maken. Let op!' Ik pakte een paar handjes vol droog mos, dat ik speciaal voor dit moment verzameld had. Ik pakte de verrekijker.
Er schoof een wolk voor de zon.


BEGIN / VORIGE / VOLGENDE