Dit is het vervolg op mijn boek Donderkat. Ben je niet op zoek naar Donderkat, maar naar informatie over mij, kijk dan hier.

Donderkat wordt in stukjes op het net geplaatst terwijl ik het schrijf. Als het af is, maak ik er een boek van.
Let op: ik maak er een boek van. Je mag het lezen, doorsturen aan je vrienden, uitprinten en bewaren voor mijn part, maar wat je er niet mee mag doen is: boek van maken en verkopen. Ik moet ook ergens van leven, nietwaar?
Elke maandag, woensdag en vrijdag zet ik er een nieuw stukje bij; meestal 's nachts.
Veel plezier ermee!
Posts tonen met het label 8. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 8. Alle posts tonen

woensdag 15 januari 2014

Ontploffingen: een serieuze zaak.

BEGIN / VORIGE / VOLGENDE


'Hoe vaak moet ik het nog zeggen?' zuchtte ze. 'De torpedo's zijn niet om mee te spelen. Ten eerste zijn ze nogal duur. Dat is geen probleem, we hebben geld zat, maar het is een kwestie van smáák. En dan bedoel ik goede smaak. Het is niet kies om dure dingen stuk te maken, alleen maar omdat je het kunt betalen. Dat is verschrikkelijk ordinair. Dus dat gaan wij niet doen, begrepen?
Ten tweede zitten we hier midden op de open oceaan. Er valt hier niets te torpederen, tenzij je op een walvis mikt en dat doen wij niet. Die arme beesten hebben het al moeilijk genoeg.
Ten derde: het opblazen van dingen is een serieuze zaak. Dat doe je niet voor je lol.'
'Juist wel,' riep ik enthousiast. 'Ontploffingen zijn hartstikke goed! Ik hou enorm veel van ontploffingen!'
'Ik ook,' juichte Kwetter. 'Boemen, daar bent ik dol op! Boemmm! Joewie! Boemmm!'
'Weet je waar ik zin in heb?' vroeg ik weemoedig. 'In een computerspelletje met ontploffingen.'
'Jaaaah,' zuchtte Kwetter. 'Moleculen bent mooi en aardig, hoor, maar ontploffingen bent nog véél mooier en véél aardiger. Waarom kunt wij eigenlijk niet een paar ontplof-moleculen maken. Jij maakt altijd ontplof-moleculen. Waarom wij niet?'
'Hmm,' deed mama. 'Kwetter, kom eens achter die computer vandaan. Ik moet even iemand een berichtje sturen.'
De hele verdere dag zat ze achter de computer, en ze wisselde ideeën uit met haar vrienden aan de universiteit, degenen die het moleculen-spel gemaakt hadden.
Daarna gebeurde er een week lang niets.
Of nou ja, er gebeurde natuurlijk meer dan genoeg. We keken elke avond naar het Jeugdjournaal (want dat ging niet van onze televisie-tijd af omdat het leerzaam was) en daarop was van alles te zien. Er was een walvis aangespoeld op het strand bij Bloemendaal en het beest ging liever gewoon dood dan weer terug de zee in te moeten tussen de hippe badgasten. Het land Armoestan werd verscheurd door een verschrikkelijke burgeroorlog. In de hoofdstad van Zuid-Mallotië werden plannen gemaakt voor een nieuwe kantoortoren, die de grootste van de hele wereld moest worden. En een popsterretje, dat niet zo goed kon zingen maar wel een heel beroemd kapsel had, nam een ander kapsel. Kortom: er was weer van alles gaande op de wereld.
Maar bij ons, op de Tsaar Peter, was alles rustig.
We gingen elke dag zwemmen, omdat dat gezond was. We maakten huiswerk., omdat dat goed voor ons was. En elke dag speelden we urenlang het computerspelletje met de moleculen.
Gaby was de eerste die het spel uitspeelde Dat deed je door het molecuul Buckminsterfullereen: C60 te maken. Best wel een saai molecuul, want het bestond gewoon uit 60 C-ballen. Maar die moesten wel op precies de goede manier aan elkaar gemaakt worden, in allerlei vijf- en zeshoekige ringen, en dat was een hele hoop werk.
Toen ik zag hoe lang Gaby ermee bezig was, zei ik tegen mama: 'Ik ga dat spel van jou echt niet uitspelen. Uren lang werken aan zo'n saai molecuul? Vergeet het maar!'
'Saai!?' riep mijn moeder verontwaardigd. 'De buckybal, saai?' Ze stak een lang verhaal af over supergeleiding en hydratatie – waarmee ze, wat mij betreft, onomstotelijk aantoonde dat C60 een oersaai molecuul was.
'Puh,' zei Gaby, 'je kunt het gewoon niet.'
Dus toen moest ik het spel toch nog uitspelen.


BEGIN / VORIGE / VOLGENDE

vrijdag 28 september 2012

Een heleboel is meer dan één

BEGIN / VORIGE / VOLGENDE


Michael zuchtte. 'Het betekent dat ik enorm, maar dan ook enorm hard op mijn sodemieter ga krijgen voor die torpedo.'
Papa knikte. 'Dat is min of meer wat die blik betekent, ja. Maar ik weet niet zo zeker of hij wel voor jou bedoeld is. Jij zei toch dat er een heleboel gaten in het koraalrif zaten?'
Michael knikte.
Papa zei op geruststellende toon: 'Jullie moeder is een kei in wiskunde, jongens, en als wiskundige weet ze: een heleboel is meer dan één. Dus ze is een heleboel kwaad op degene die die andere gaten heeft gemaakt, daar kun je rustig van uitgaan. En maar een beetje kwaad op jou.'
'Eén,' zei Kwetter
'Eén wat?' vroeg papa verstrooid.
'Eén kwaad. Mama is een heleboel kwaad op de heleboel-gaten-maker en maar één kwaad op de één-gaten-maker. Denkt ik.'
'Eh, ja,' zei papa. 'Zoiets. En wat zat er in die potjes?'
'Geen idee,' zei ik. 'Op het koraal zat groen slijmerig spul en ook zwart plakkerig spul. Dat gaat mama nou onderzoeken.'
'Dat wordt weer heibel,' zei papa hoofdschuddend. 'Ik durf te wedden dat ze straks aan land wil, om dingen op te blazen. En dát is wat die blik precies betekende.'
'Joewieie! Boemmmm!' juichte Kwetter.
Het duurde maar een half uurtje of zo voordat mama terugkwam. Ze is een van de slimste wetenschappers ter wereld, namelijk, en ze heeft een laboratorium vol met de beste en duurste apparaten. Dus twee potjes met troep onderzoeken, dat is voor haar een peulenschil.
'En?' vroeg papa.
'Eerst een pannenkoek,' zei mama. 'Met stroop. En dan nog een pannenkoek met poedersuiker. En misschien nog een met gember en rozijnen. En dán... als ik dan nog een gaatje vrij heb, dan nog een met...'
Ze at wel vijf pannenkoeken. 'Straks word ik nog dik,' giechelde ze. 'Dan moet ik op die stomme fitness-fiets die nergens heen gaat, hihi. Maar wat we ook kunnen doen...'
Papa keek kreunend naar de zoldering.
'Wat we ook kunnen doen,' ging mama onverstoorbaar verder, 'is aan land gaan om eens goed de benen te strekken. En als we dan toch op de wal zijn, kunnen we net zo goed onze tijd nuttig gebruiken. Bijvoorbeeld door een paar dingetjes op te blazen.'
'Joewieieie! Boemm!
'We hebben het hier al zo vaak over gehad, lieverd,' zei papa moedeloos. 'En we kunnen niet zomaar naar buiten. Er zit een bende schurken achter ons aan, weet je dat niet meer? Meneer Dogger en zijn vrienden.'
'Moeten we dan ons hele leven in een onderzeeboot wonen?' vroeg ik.
Mijn ouders gaven precies tegelijk antwoord.
'Natuurlijk niet,' zei mama.
'Natuurlijk wel,' zei papa.
Mama wendde zich tot ons. 'Jullie vader is een beetje een bangepoeperd,' zei ze vertederd. 'Maar maak je maar geen zorgen hoor, ik zal die schurken wel eens aan het verstand bombarderen dat ze ons met rust moeten laten en dan kunnen jullie weer gewoon naar school.'
Michael en ik keken elkaar aan. Dat we niet naar school konden beschouwden wij niet als een probleem dat moest worden opgelost.
'De schurken zijn met teveel!' riep papa wanhopig uit. 'Ze zijn overal! Je kunt het niet van ze winnen door een paar bommen te gooien.'
'Wij gaat ook niet een paar boemen gooien,' zei Kwetter vrolijk. 'Wij gaat een hele, hele, heleboel boemen maken, he mama?'
'Nou en of, Kwettertje-lief! Want we kunnen het zeker niet winnen door ons de rest van ons leven te verstoppen.'
'Eh... wie gaan we eigenlijk opblazen?' wilde ik zo onderhand weten. 'Wat zat er eigenlijk in die potjes?'
'Dat zal ik jullie vertellen,' zei mama ernstig.

BEGIN / VORIGE / VOLGENDE


vrijdag 3 februari 2012

iedereen wil kozijnen

BEGIN / VORIGE / VOLGENDE


'Meneer Dogger,' zeiden Gaby en ik tegelijk.
'Nee, natuurlijk niet. Dogger woont in Nederland – wat zou hij hier te zoeken hebben?'
'Ons,' zeiden wij.
'Dat zou natuurlijk kunnen,' zei mama.
'Maar hij weet niet dat we hier zijn, dus waarom zou hij juist hier komen zoeken? In elk geval: het is niet meneer Dogger.'
'Meneer Cockel,' zeiden wij met een huivering.
'Die is het ook niet. Het is meneer Hakmaranman.'
'Nooit van gehoord,' zei ik. Gaby keek naar papa. 'Is dat niet één van de schurken die zaken doet met de Doggersbank?'
'Nou en of,' knikte papa. 'Wat knap, dat je dat onthouden hebt – ik heb het maar één enkel keertje genoemd.' Gaby keek helemaal trots. Terwijl ze volgens mij gewoon gegokt had. En het was nog de makkelijkste gok ook: alle schurken die papa weet, kent hij van toen hij nog werkte bij de Doggersbank.
Dus ja.
'Waarom is die man eigenlijk een schurk?' vroeg ik.
'Om geld binnen te harken, natuurlijk!' lachte Gaby.
'Jahaa, neehee, ik bedoel natuurlijk: waarom noemt papa hem een schurk. Wat maakt hem zo schurkachtig? Wat doet hij voor schurkachtige dingen?'
Aha, knikte papa.'Dat zal ik jullie eens duidelijk uitleggen. Meneer Hakmaranman heeft een bosbouwbedrijf. Wat eigenlijk een heel raar wooord is, 'bosbouwbedrijf', want zijn bedrijf bouwt helemaal geen bossen. Het sloopt ze. De houthakkers van meneer Hakmaranman gooien hele bossen tegen de vlakte!'
'Waarom doen ze dat?' vroeg Gaby.
'Om geld binnen te harken, natuurlijk,' mompelde ik.
'Het is ze om het hout te doen,' legde papa uit. 'Dat kunnen ze voor veel geld verkopen. Er worden kozijnen van gemaakt.'
'Kozijnen?'
'Ja, zo'n houten lijstje om een deur of een raam,' legde mama uit.
'Wij weten heus wel wat een kozijn is,' bromde ik.
'Kwetter weet niet!' protesteerde Kwetter.
'Nou ja, Gaby en ik wisten het wel. Maar kijk eens naar beneden?'
Papa en mama keken naar beneden.
'Diep, he?'
'Ja jongen, heel diep.'
'En kijk eens naar deze boom. Dik, he?'
'Ja jongen, heel dik.'
'Dus uit deze hele hoge hele dikke boom kun je honderden en honderden kozijnen maken. Misschien wel duizenden! Dus waarom moeten daar dan hele bossen voor worden omgehakt?'
'Omdat er in Nederland miljoenen en miljoenen huizen staan, jongen,' zei papa. 'En elk huis heeft al snel een deur of acht. Om van de ramen nog maar te zwijgen. Die hebben allemaal kozijnen nodig; kozijnen bij dozijnen!'
Mama streek vermoeid over haar voorhoofd. 'Geen woordgrapjes maken, schat,' zuchtte ze. 'Je weet dat ik daar hoofdpijn van krijg.'
'Sorry, lieverd. In ieder geval: we hebben heel veel kozijnen nodig. En niet alleen kozijnen. Ook deuren. En tuinmeubeltjes. En geinige kastjes om dingetjes in te doen. Heel, heel veel geinige kastjes en tuimeubeltjes. Vandaar dat er hele bossen doorheen worden gejaagd.'
'Wat ik niet snap...' begon Gaby, en ik ging wat gemakkelijker zitten. Als Gaby ook maar de helft ging opnoemen van wat ze allemaal niet snapte, dan zaten we hier nog wel eventjes.


BEGIN / VORIGE / VOLGENDE