Dit is het vervolg op mijn boek Donderkat. Ben je niet op zoek naar Donderkat, maar naar informatie over mij, kijk dan hier.

Donderkat wordt in stukjes op het net geplaatst terwijl ik het schrijf. Als het af is, maak ik er een boek van.
Let op: ik maak er een boek van. Je mag het lezen, doorsturen aan je vrienden, uitprinten en bewaren voor mijn part, maar wat je er niet mee mag doen is: boek van maken en verkopen. Ik moet ook ergens van leven, nietwaar?
Elke maandag, woensdag en vrijdag zet ik er een nieuw stukje bij; meestal 's nachts.
Veel plezier ermee!

vrijdag 15 maart 2013

Het AVBFLM(Z) grijpt in

BEGIN / VORIGE / VOLGENDE


Miguel viel op de grond. Hij had nog steeds mijn schouder vast, dus ik werd mee naar beneden gesleurd. Gelukkig kwam ik zacht terecht: bovenop Miguel's moddervette pens.
'Aaaauw!' brulde Miguel. 'Mijn been! Auw auw auw!'
Hee, dacht ik, dat is gek. Miguel was toch degene die schoot? Ik zag hem op mijn moeder mikken – hoe kan hij dan zijn eigen been hebben geraakt?
Ik keek om me heen en zag hoe luitenant Ernesto met een tevreden gezicht de rook van zijn pistool blies. Wat was hier aan de hand? Waarom schoot die man op zijn eigen baas?
Dat wilde Miguel ook wel eens weten.
'Wat doe je nou, stomme debiel?' krijste hij.
'Het spijt me, chef,' grijnsde Ernesto, 'maar die dame is een internationale superster! Een mega-terrorist. Zij kan ons helpen om eindelijk eens de Zuid-Mallotische regering omver te werpen. Dat willen we toch zo graag?'
'Welnee, achterlijke idioot die je bent, dat willen we helemaal niet! Wij willen veel geld verdienen met drugshandel, dát willen we. Dat gedoe met de bevrijding van het Zuid-Mallotische volk was alleen maar een smoesje.'
'Voor mij niet, hoor,' giechelde Ernesto. 'Ik wil echt de regering omver werpen. Want ik ben... een dubbelspion! Hahaaa! Ik werk voor de Noord-Mallotische geheime dienst! Dat had je niet gedacht, he? Nou, ik kan je vertellen: dat doe ik al jaren. En mijn bazen in het Noorden begonnen erg ongeduldig te worden. Wanneer doen jullie nou eens iets, vroegen ze. Dus toen ik ze liet weten dat de Donderkat bij ons was, waren ze heel tevreden. Want waar de Donderkat komt, wordt het al gauw een ontploffende puinzooi. En dat is precies wat de Noordelingen willen: een puinzooi bij hun Zuidelijke vijanden. Dus...'
Klik, klonk het achter hem.
Het was de klik van een pistool. Ik weet niet eens wat voor een klik dat precies is, want ik weet niks van pistolen, maar er is zo'n klik die je soms hoort in films en zo. Zo'n klik die betekent: er heeft hier iemand een pistool, en die is nu klaar om te gaan schieten. Meestal gaan ze gewoon meteen knallen, in films, maar soms hoor je eerst even 'klik'.
Misschien is het niet eens een klik die ergens voor nodig is, misschien is het gewoon een waarschuwings-klik of zo. In ieder geval: hij klonk nu achter Ernesto z'n rug. Want daar stond Pepe, de andere luitenant, met zijn pistool naar Ernesto te wijzen.
'Het spijt me, kameraad,' grijnsde Pepe. 'Maar ik werk toevallig voor de Zuid-Mallotische geheime dienst. En die heeft helemaal geen behoefte aan een ontploffende puinzooi. Dus...'
Klik. Één van de kindsoldaten stond achter Pepe's rug en grijnsde. Hij stak een heel verhaal af in het Mallotisch. Dat verstonden wij niet, maar ik kon wel raden waar het over ging.
'Zeg het maar,' gromde Dogger tegen Miguel. 'Voor wie werkt hij nou weer?'
'Voor het BZM, het Bevrijdingsfront van Zuid-Mallotië.'
'Maar... dat zijn jullie toch?'
'Nee, wij zijn het ZMB. Niet het BZM.'
Klik. Klik. Klik.
Om een lang verhaal kort te maken: de andere soldaten werkten voor de Amerikaanse en de Chinese geheime diensten, voor de concurrerende drugsbendes van Dikke Hamza en “de Colombiaan”, voor Cockel's Oliemaatschappij, voor de CHOAM-handelsonderneming en voor het VZM (Volksleger van Zuid-Mallotië), het ZMV (Zuid-Mallotische Volksleger) en het Algemeen Volks Bevrijdings Front Leger Mallotië(Zuid), oftewel het AVBFLM(Z).
'Is er hier dan helemaal niemand die voor mij werkt?' riep de veldmaarschalk bijna huilend.
'Jawel,' zei een stem.


BEGIN / VORIGE / VOLGENDE

woensdag 13 maart 2013

De regel die telt

BEGIN / VORIGE / VOLGENDE


'Die is ontsnapt,' wilde ik roepen, maar halverwege sloeg Miguel een hand voor mijn mond, zodat het klonk als 'die is ontsmbll', en Miguel zei haastig: 'Ontvoerd, inderdaad. We hebben hem meegenomen naar, eh, een geheime plek. Eh... buiten ons hoofdkwartier. Dus eh, enneh, nou ja, we laten hem gaan als u nu die bommen onklaar maakt.'
Mama was even in de war. Ik weet niet wat haar plan was, maar het idee dat Michael ontvoerd was gooide duidelijk een fikse lading roet in het eten.
'Breng hem hier,' zei ze zwakjes.
'Nee,' zei de veldmaarschalk.
'Anders blaas ik ons allemaal op, hoor!'
'Ach mens,' snauwde Dogger, 'dat doe je toch niet. Want je dochter is er bij. En dat oranje rotkind ook. Geef je nou maar gewoon over.'
Mama zuchtte diep.
Met hangend hoofd friemelde ze wat aan het zwarte doosje en stak het in haar zak.
'Hier met dat ding,' snauwde Dogger. Ze gaf het hem. Hij barstte uit in een akelig gelach: 'Bwahahaha! De Donderkat is verslagen! Eindelijk!Hahaaa! Ja, dat valt even tegen, he? Mevrouw de internationale super-terrorist? Dat komt ervan, als je altijd maar braaf en fatsoenlijk blijft! Wie in zijn hart geen mensen pijn wil doen, of mensen dood wil maken, moet niet met de grote jongens mee willen spelen. Met jongens zoals ik, die het echte grote geld verdienen. Aan het echte grote geld kleeft altijd bloed, mevrouwtje! Ik vind dat niet erg. Ik vind het jammer hoor, begrijp me niet verkeerd, en ik zou heus wel willen dat het niet zo was. Maar ach, ik heb ermee leren leven. En u niet. Daarom zal ik het altijd winnen van mensen zoals u. Miguel, beste vriend, wil je mij een plezier doen?'
'Maar natuurlijk, meneer Dogger. Krijg ik dan mijn tien miljoen?'
'Die krijg je. Als dat mens daar dood is. Schiet!'
'Laten jullie dan mijn kinderen gaan?' vroeg mama.
Daar moest Dogger heel hard om lachen. 'Kostelijk!' riep hij. 'Werkelijk verrukkelijk! U hebt er niets van begrepen, he? U denkt dat ik de dingen eerlijk doe, dat ik speel volgens de regels, zoals u. Maar wie volgens de regels speelt, verliest. Dat is de enige echte regel, de regel die telt: de beste valsspeler wint! En dat ben ik. Miguel! Schiet!'
'Het spijt me, dame,' zei Miguel. 'Oh nee, wacht, het spijt me helemaal niet. U heeft mijn hele hoofdkwartier naar de verdoemenis geholpen! Dat vind ik niet echt aardig... nee, ik ga dit met heel veel plezier doen!'
Hij richtte zijn pistool op haar...
en...
pang!


BEGIN / VORIGE / VOLGENDE

maandag 11 maart 2013

Eén heel groot binnenplein

BEGIN / VORIGE / VOLGENDE


Hij sleurde mij mee naar binnen. Zijn luitenants marcheerden achter hem aan gevolgd door de jongens met de geweren. Helemaal achteraan sjokte Dogger. Hoofdschuddend en moedeloos en voortdurend mompelend over 'amateurs' en 'prutsers'.
Op de eerste binnenplaats zagen we Jamal en een paar van zijn mede-soldaten. Ze keken bezorgd naar Miguel en vroegen hem van alles. Hij blafte een paar korte antwoorden en ze sloten zich bij ons aan.
Het hoofdkwartier van het ZMB was behoorlijk groot, vooral het ondergrondse gedeelte. Een doolhof van gangen en kamers waar niemand de weg wist. Ook de Zuid-Mallotische Bevrijders zelf niet. Tenminste, niet meer. Natuurlijk kenden ze hun hoofdkwartier van binnen en van buiten, maar het zag er nu ietsje anders uit dan, pak 'm beet, een half uur geleden. Sommige gangen waren ingestort, zodat je er niet meer langs kon, en op andere plekken waren muren verdwenen, waardoor je er juist wél door kon.
Over lagen brokken metselwerk, balken en gruis. Terwijl we ons een weg baanden door het puin, hoorden we voortdurend nieuwe ontploffingen. Nu eens hiervandaan, dan weer daarvandaan.
BOEM!
'Ze zit in de keuken!' brulde Miguel, en we stampten in de richting van de keuken. Maar voordat we daar aankwamen: BOEM!
'Dat was in de buurt van de schietbaan, baas,' zei Ernesto. Dat was precies de andere kant op. De hele meute draaide zich om, maar Miguel wilde voorop lopen dus we moesten ons langs alle soldaten heen wringen voordat we weer op pad konen.
'Sneue sukkels,' hoorde ik Dogger mompelen toen ik langs hem liep. 'Terroristen van lik-m'n-vestje.'
Miguel deed net alsof hij het niet gehoord had.
Toen we mama eindelijk vonden, was er van het hoofdkwartier niet veel meer over.
We vonden haar op de binnenplaats waar we ons huiswerk altijd maakten.
Of misschien was het wel op de andere binnenplaats. Of in de keuken of de bezemkast. Eigenlijk maakte het niet zo gek veel verschil meer. Het was nu allemaal één grote binnenplaats: de buitenmuur van het hoofdkwartier stond nog overeind, maar alle binnenmuren lagen in brokstukken op de grond. En de daken ook. En de deuren en het meubilair lagen in smeulende splinters verspreid over het grote, gloednieuwe binnenplein.
Mama en Kwetter stonden met hun rug tegen de buitenmuur op ons te wachten.
'Geef je over, Donderkat!' riep Miguel. 'Anders...' en hij wees naar mij. Met het pistool.
Mama kwam glimlachend op ons af gewandeld. In haar hand had ze een zwart doosje met een antenne eruit en een grote rode knop in het midden. Ze hield de knop stevig ingedrukt.
'Weten jullie wat er gebeurt als ik deze knop loslaat?' vroeg mama vriendelijk. 'Dan gaan er zestig bommen tegelijk af. Die liggen verspreid door het hele hoofdkwartier. 'Dit alles...' Ze wees met een ruim gebaar naar de rokende puinhopen om ons heen. '… was niet meer dan een afleiding. Een trucje, om jullie bezig te houden terwijl wij de échte bommen verstopten. Als ik deze knop loslaat, mijn beste veldmaarschalk, worden wij allemaal in stukjes geblazen die zó klein zijn dat je ze met een microscoop moet zoeken. En als u mijn kinderen ook maar één haartje krenkt, dan zal ik... wacht eens even... Waar is Michael?'


BEGIN / VORIGE / VOLGENDE

vrijdag 8 maart 2013

Dogger geneert zich kapot

BEGIN / VORIGE / VOLGENDE


'Hm,' zei Dogger. 'Ik heb al eens vaker geprobeerd die kinderen gevangen te houden. Liep niet goed af. Maar goed, toen hadden ze geluk. Deze keer niet, hopelijk.'
'Tuurlijk niet,' zei Miguel.
Het bleef een tijdje stil.
'Zodra ze buiten komt en haar dochter in mijn handen ziet, geeft ze zich onmiddellijk over. Wedden?'
'We zullen zien,' bromde Dogger. 'We zullen het vanzelf zien, als ze naar buiten komt.'
Het bleef weer een tijdje stil.
'Ze kan nu ieder moment hier zijn,' zei Miguel. Zijn stem klonk gespannen, en zijn handen zweetten een beetje.
Er gebeurde helemaal niets.
'Wat ging er de vorige keer eigenlijk mis?' vroeg Miguel zenuwachtig.
'We werden aangevallen door baby-alligators,' vertelde meneer Dogger.
'Wat!? Eh... nou, haha, die zitten hier niet dus, eh, dus nu kan er helemaal niets... mis... gaan... Waar blijft dat ellendige mens nou toch? Ze had al lang hier kunnen zijn!'
Op dat moment klonk er, als een soort antwoord op zijn vraag, een gruwelijke knal ergens uit het hoofdkwartier.
De veldmaarschalk schrok zich een hoedje. 'Wat was dat?' vroeg hij.
Dogger schudde zuchtend zijn hoofd.
'Was dat een ontploffing?' vroeg Miguel zenuwachtig.
'Ja,' zei Dogger verslagen. 'Dat was een ontploffing.'
BOEMMM!
'En dat, mocht je het je afvragen, was óók een ontploffing.'
'Ja maar... weet ze dan niet dat ik haar dochtertje gevangen heb?'
'Nee,' zei Dogger, 'want ze is nog niet hier geweest. En ik denk ook niet dat ze hier gaat komen, want zo lang ze wegblijft, kun jij niet zeggen van “ik schiet je dochter dood als je je niet overgeeft”. En zo lang je dat niet gezegd hebt...'
BOEMMM!
'...hoeft zij zich niet over te geven.'
'Dat is flauw!' riep de veldmaarschalk boos. 'Ze weet best dat ik haar kinderen gevangen heb!'
'Eh... nee baas,' zei Ernesto. 'Dat weet ze niet, hoor. Want ze heeft nog niet gezien dat..'
'Kop dicht, luitenant,' snauwde Miguel. 'De Donderkat is niet dom, hoor. Die snapt best wel wat ik van plan ben.'
'Ja, maar het zou niet eerlijk zijn als je dat kindje doodschoot zonder dat...'
'Eerlijk?' krijste Miguel. Ik ben een terrorist! Een drugshandelaar! Een moordenaar! Wat kan het mij schelen of het eerlijk is of niet? In vergelijking met wat ik verder allemaal doe is een beetje oneerlijkheid zó braaf, dat de paus me subiet heilig kan verklaren! Dus... ' Hij klikte de vergrendeling van zijn pistool af.
'Hoho,' zei Dogger. 'Als je haar doodschiet, kun je er niet meer mee dreigen. Hoe wil je haar moeder dan nog tegenhouden?'
'We hebben haar broertje nog,' zei Miguel kalm. 'Kan ik ook prima mee dreigen.'
'Rennen, Michael!' riep ik. 'Ren voor mijn leven!'
Michael reageerde niet.
Want Michael was er helemaal niet.
'Waar is dat rotjoch!?' brulde Miguel.
'Weg, baas,' zei Ernesto. 'Hij is er waarschijnlijk vandoor geslopen terwijl wij naar de deur stonden te kijken of die mevrouw er nou eindelijk eens door zou komen.'
Dogger sloeg zijn handen voor zijn ogen en schudde zijn hoofd. 'Idioten,' kreunde hij. 'Wat een idioten. En daar doe ik zaken mee! Ik geneer me kapot.'
'Hij kan niet ver weg zijn, baas. Hij kent hier de weg niet, hij spreekt de taal niet... We hebben hem binnen een uurtje wel weer gevangen, denk ik.'
'Een uur is te lang!' blafte Miguel. 'Over een uur ligt mijn hoofdkwartier volledig in puin...'
BOEM! BOEM! BOEMMM!
'We gaan naar haar toe,' besloot Miguel. 'Als ze haar dochter in mijn handen ziet, dan zal het gauw afgelopen zijn. Kom mee!'


BEGIN / VORIGE / VOLGENDE

woensdag 6 maart 2013

Schattige Plastic Ponies

BEGIN / VORIGE / VOLGENDE


'Houd haar tegen!' brulde Dogger. 'Schiet haar overhoop, verdekke!'
De soldaten van het ZMB verroerden geen vinger. Verveeld keken ze hem aan. Niet alleen verstonden ze niet wat hij zei, het was ook overduidelijk dat ze helemaal niet van plan waren naar hem te luisteren, zelfs niet als hij vloeiend Mallotisch sprak. De enige die dat niet begreep, was meneer Dogger zelf.
'Schie-hie-ten!' schreeuwde hij. Hij wees naar de automatische geweren die om hun schouders hingen. 'Pang-pang, jij begrijpen? Pang-pang op kleine meisje die maken salto, ja?' Hij draaide wat onduidelijke rondjes met zijn handen, om de salto uit te beelden.
De soldaten keken hem aan of hij een Schattige Plastic Pony was. Ik bedoel: zelfs ik ben niet geïnteresseerd in Schattige Plastic Ponies. En ik ben een klein meisje, dus voor mij zijn die dingen bedoeld. Kun je nagaan.
Dogger vond het niet leuk, dat er niet naar hem geluisterd werd. Hij werd akelig rood, zwaaide met zijn vuisten, stampte op de grond als een kleuter en bulderde een paar onduidelijke zinnen waar veel pang-pang in voorkwam.
'Rustig maar, waarde heer,' suste Miguel. 'Dat meisje kan nergens heen. Ze zal ons niet ontsnappen, hoor.'
'Ontsnappen?' lachte Dogger hysterisch. 'Weet je wel met wie je te maken hebt? Als de Donderkat zich kwaad maakt, dan zul je haar nog smeken of ze alsjeblieft wil ontsnappen! Ze is in staat om je hele hoofdkwatier in honderdmiljoen kleine stukjes te blazen, met iedereen die erin is.'
'Tsk tsk tsk,' schudde Miguel. 'U kent haar slecht, merk ik. Ik zit al een week met haar te overleggen, en er is maar één ding dat ze belangrijker vindt dan dingen opblazen, en dat is dat er geen slachtoffers vallen. Ze wil domweg geen gebouwen opblazen met mensen erin. Zelfs niet met dieren erin. Het allerliefst zou ze willen dat elk muisje persoonlijk naar buiten wordt gesleept, voordat ze een gebouw in de als legt. Dus zo lang mijn soldaten binnen zijn, is mijn hoofdkwartier volkomen veilig.'
Hij pakte een pistool. 'Ikzelf,' ging hij verder, 'zit heel anders in elkaar. Ik heb er geen enkel probleem mee om mensen te vermoorden. Allemaal voor het goede doel natuurlijk, he, voor de bevrijding van het zielige Zuid-Mallotische volk.' Hij grijnsde. 'Dat je niet denkt dat ik een slechterik ben, of zo. Hoe dan ook: de Donderkat weet ook wel dat ik een genadeloze moordenaar ben. Ze weet dus heel goed dat ik het meen als ik zeg...' Met een snelheid die je van zo'n dikzak nooit zou verwachten greep hij mijn schouder vast. En als ik zeg vast, dan bedoel ik echt muurvast. Ik kreeg buikpijn van angst, want ik had al wel zo'n vermoeden wat hij ging zeggen. En ja hoor: '...dat ik haar schattige dochtertje op een paar blauwe bonen trakteer als ze zich niet onmiddellijk overgeeft.'


BEGIN / VORIGE / VOLGENDE

maandag 4 maart 2013

Miguel doet een superzaak

BEGIN / VORIGE / VOLGENDE


Michael had hem ook herkend, zag ik – tenminste, hij zag zo bleek als een spook in een sneeuwstorm. Zelfs Kwetter verbleekte van sinaasappel- tot citroenkleurig. Voorzichtig draaiden we ons om. En daar stond hij. Met zijn moddervette buik, zijn bevlekte overhemd, zijn antieke, foeilelijke flodderbroek, zijn brokkelige nagels met hun vuilzwarte randjes en een gemene, gierige, gulzige grijns op zijn gezicht: meneer Dogger.
Onze oude achterbuurman.
De meest schurkachtige bankdirecteur ter wereld (en dat wil wat zeggen).
'U...' stamelde ik.
'Wat...' voegde Michael toe.
'Wat ik hier doe?' vroeg Dogger. 'Dat is wat jullie wilden vragen, hè? Nou, niet dat jullie er iets mee te maken hebben, maar ik ben hier op bezoek bij een zeer gewaardeerde zakenpartner. Miguel hier. Miguel is de directeur – pardon, ik bedoel natuurlijk: de veldmaarschalk – van een buitengewoon winstgevende drugsbende, pardon: bevrijdingsleger. Ik zal jullie eens iets grappigs vertellen. Jullie staan hier, zoals je weet, midden in de armste wijk van Jalsk, dat wil zeggen, zo ongeveer de aller-armste wijk te wereld. Jij en ik zouden zeggen: De mensen hier hebben zo ongeveer niks, dus er valt hier niks te verdienen. Maar Miguel is een slimmerik. Hij weet dat er één ding is waarvoor een arme sloeber zijn allerlaatste cent nog zou uitgeven. Drugs. Oh jaaaah, jongens, verslaving is een prachtig iets! Het maakt mensen nog lager dan beesten. Kinderen bestelen hun eigen oma – voor drugs. Moeders verkopen hun kinderen – voor drugs. Geliefden verraden elkaar, vrienden steken elkaar een mes in de rug – voor drugs. Is het niet fantastisch? Is het niet wonderbaarlijk, dat er een manier bestaat om zelfs aan deze arme sloebers nog grof geld te verdienen?'
Hij boog zich voorover om ons een geheimpje in te fluisteren. Dat was geen pretje, want hij rook niet bepaald fris.
'En weten jullie' vroeg hij, 'wat het allermooiste is? Van drugs word je dom. Dus de sloebertjes hier hebben niet eens in de gaten dat hun land bestolen word door mijn vrienden. Vrienden zoals meneer Cockel, die hier voor een spotprijsje alle olie uit de grond mag pompen. Oh jaaaah, als er iemand is die het Zuid-Mallotische volk onder de duim helpt te houden, dan is het wel het Zuid-Mallotische Bevrijdingsleger. Is het niet verrukkelijk?' Hij ging weer rechtop staan en wreef zich in de handen. 'En nu gaat mijn vriend Miguel een heel voordelig zaakje doen. Hij gaat zonder moeite tien miljoen verdienen. Want hij gaat de Donderkat aan mij geven. Hè Miguel?'
'Dat gaat hij helemaal niet!' riep Kwetter. Ze nam een geweldige sprong, zette zich met één voet af op Doggers hoofd en maakte een achterwaartse salto over de muur. De muur waarachter de binnenplaats lag. De binnenplaats waarachter het geheime hoofdkwartier lag. Het hoofdkwartier waarin mama, ergens ( maar waar?), in een laboratorium haar bommen zat te maken.
'Mama!' hoorden we haar roepen. 'Wij heeft een probleempje! Dogger is hier!'


BEGIN / VORIGE / VOLGENDE

vrijdag 1 maart 2013

Een bak vol piranha's, natuurlijk

BEGIN / VORIGE / VOLGENDE


Maar het was te laat, natuurlijk.
Een van de jongens slofte onze kant op en trok de keukendeur open. Hij grijnsde toen hij ons zag en riep iets in het Zuid-Mallotisch. Zijn kameraden keken onze kant op, glimlachten en wandelden verder.
De jongen haalde zijn schouders op, aaide Kwetter over haar bol en voegde zich weer zijn zijn vrienden.
'Nou jaaa!' riep Michael verontwaardigd. 'We zijn hier aan het spioneren! We ontdekken een duister geheim! We rukken het masker af, en zien het monster dat zich erachter verbergt... En wat doet het monster? Niets! Alsof wij helemaal niet interessant zijn! Ik... ik... grrrrrargh!' Met gebalde vuisten stond hij te stampvoeten. Alsof hij liever was gevangengenomen en aan een dun touw boven een bak met piranha's gehangen.
Jongens hebben soms de raarste ideeën.
'Dit hoeven we niet te pikken,' snoof Michael. 'Kijken deze lui geen films, of zo? De dappere kinderen winnen het altijd van de schurken. Als je een schurk bent, een een groepje dappere kinderen ontdekt wat je van plan bent, dan ben je verloren. Dat weet iedere fatsoenlijke schurk. Dus dan moet je in paniek raken en proberen die kinderen iets vreselijks aan te doen. Een bak met piranha's is wel het minste!'
'Ik wist het,' mompelde ik. 'Jongens zijn zooo voorspelbaar.'
'Oh ja?' vroeg Kwetter 'Ik denkte: hij wilt een bak met haaien. Niet van die, eh...'
'Piranha's,' vertelde ik. 'Vleesetende vissen. Zoiets als haaien, maar dan veel kleiner, en met ene heleboel tegelijk.'
'Ach, bestaat die? Dat weette ik niet. Ja, nee, dan denkt ik ook piranha's natuurlijk.'
Michael was intussen met woedende stampstappen achter de de ZMB-soldaten aangelopen. Kwetter en ik haalden hem pas in toen hij al buiten stond.
Met zijn armen in zijn zij stond hij pal voor de neus van veldmaarschalk Miguel, en hij vroeg op hoge toon: 'Zeg, meneertje, wat is hier aan de hand? Denk je soms dat wij idioten zijn? Dat wij niet zien wat er hier aan de hand is?'
Miguel krabde zich achter zijn oren. 'Hoezo? Wat is er dan aan de hand, volgens jou?'
'Die maar niet zo onschuldig,' siste Michael. 'In die pakketjes zit heus geen zelfrijzend bakmeel!'
'Nee, natuurlijk niet,' zei Miguel. 'Zelfrijzend bakmeel, daar verdien je geen bal aan. Drugs leveren veel meer op.'
Michael was sprakeloos. Met open mond stond hij de baas van het Zuid-Mallotische Bevrijdingsleger aan te staren. 'U... u geeft het gewoon toe?' stamelde hij. 'U zegt gewoon recht in mijn gezicht dat u een drugshandelaar bent?'
'Ja, natuurlijk. Dat zijn alle terroristen – of we nou voor hun godsdienst vechten, of voor de vrijheid van hun land, of voor een beter leven voor de armen... Het is een dure hobby hoor, terrorisme! Wapens, bommen, een geheim hoofdkwartier... dat kost allemaal geld. Dat geld moet ergens vandaan komen, nietwaar? Ik bedoel, jullie doen toch zeker hetzelfde?'
'Zeker niet,' zei ik boos. 'Drugshandel is gemeen en slecht en laf. Het is het laagste van het laagste. Als je denkt dat mijn moeder zich daarmee inlaat...'
'Nee,' zei een stem achter ons. 'Mevrouw de Donderkat heeft andere inkomsten.'
IJskoude rillingen liepen over mijn rug.
Ik kende deze stem.


BEGIN / VORIGE / VOLGENDE